De mails zijn prima. De offerte in het Engels ook. Dan belt de inkoper van die Britse klant met de vraag waarom de prijs volgend jaar omhoog gaat, en de accountmanager die in het Nederlands moeiteloos onderhandelt, geeft opeens een antwoord dat twee niveaus eenvoudiger is dan hij is. Hij zegt wat hij kan zeggen, niet wat hij wil zeggen. De klant hoort vooral aarzeling.
Voor een accountmanager is dat geen taalprobleem, maar een commercieel probleem. Toch staat in veel vacatures en functieprofielen nog steeds “goede beheersing van het Engels”. Daar kun je weinig mee: niet bij het werven, niet bij het beoordelen en niet bij het kiezen van een training. In dit artikel vertalen we de functie accountmanager naar concrete taalsituaties, en die situaties naar een ERK-niveau.
Waarom is “goed Engels” geen bruikbare functie-eis?
Omdat iedereen er iets anders onder verstaat. Het Europees Referentiekader (ERK) van de Raad van Europa maakt het meetbaar, met zes niveaus van A1 tot C2. Elk niveau beschrijft wat iemand met de taal kan doen, apart voor spreken, luisteren, lezen en schrijven. Wat die niveaus in de praktijk van het werk betekenen, leggen we uit in onze gids taalniveaus van A1 tot C2: welk niveau heeft je team echt nodig?
Voor accountmanagers is dat onderscheid per vaardigheid extra belangrijk. Hun Engels wordt vooral beoordeeld op de momenten waarop er geen tijd is om na te denken: aan de telefoon, aan tafel, in de vragenronde. Iemand kan uitstekend Engels lezen en schrijven en toch vastlopen zodra het gesprek een onverwachte wending neemt.
In welke situaties gebruikt een accountmanager Engels?
Het helpt om de functie op te knippen in de taalsituaties die regelmatig terugkomen. Bij de meeste accountmanagers met internationale klanten zijn dat er zes:
- Mail, offertes en verslagen: geschreven, met tijd om na te lezen en hulpmiddelen bij de hand.
- Het klantgesprek aan de telefoon of via Teams: de vraag die je niet zag aankomen, zonder bedenktijd.
- Het periodieke klantoverleg: resultaten toelichten, kansen benoemen, afspraken vastleggen.
- Het prijs- en contractgesprek: een standpunt verdedigen, concessies doen zonder te veel weg te geven.
- De klacht of escalatie: de toon bepaalt hier of de relatie overeind blijft.
- Relatiebeheer: de lunch, de beurs, het praatje voor de vergadering begint.
De eerste situatie is de makkelijkste, en juist daar wordt het niveau vaak op beoordeeld. “Zijn mails zijn prima” zegt weinig over hoe iemand zich houdt in een prijsgesprek.
Welk ERK-niveau hoort bij die situaties?
De ERK-beschrijvingen maken de koppeling vrij concreet. Op B1 redt iemand zich in bekende situaties, maar raakt de regie kwijt zodra het gesprek complex of onvoorspelbaar wordt. Op B2 voert iemand een vlot en spontaan gesprek met moedertaalsprekers en kan hij een standpunt onderbouwen. Op C1 gebruikt iemand de taal flexibel en doeltreffend in zijn werk, begrijpt hij ook wat er niet letterlijk gezegd wordt en past hij zijn toon aan de situatie aan.
Leg je dat naast de zes situaties, dan ontstaat dit beeld:
- Accountmanager met regelmatig internationaal klantcontact: B2 is de ondergrens, vooral voor spreken en luisteren. Daaronder wordt elk onverwacht gesprek een risico.
- Key accountmanager die in het Engels onderhandelt over prijs en contract: C1 voor spreken is een realistisch doel. Op dit niveau draait het om nuance: een “nee” brengen zonder de relatie te beschadigen, of horen dat “we’ll consider it” eigenlijk “nee” betekent.
- Binnendienst of accountmanager met vooral schriftelijk contact: B2 voor schrijven, met minder nadruk op spreken onder druk.
Twee kanttekeningen. Ten eerste: het gaat om de zwaarste situatie die iemand regelmatig tegenkomt, niet om het gemiddelde. Ten tweede: C2 is voor een accountmanager zelden nodig. De stap van C1 naar C2 kost veel tijd en levert in het klantgesprek nauwelijks merkbaar verschil op.
Waar staan jouw accountmanagers nu?
De Business English Team Scan laat in een paar minuten zien hoe je team presteert in klantcontact, onderhandelen en gesprekken onder druk. Gratis, in het Nederlands en Engels.
Hoe ziet dat eruit in één team?
Stel: een salesteam met vier accountmanagers. Twee van hen bedienen vooral Nederlandse klanten en hebben af en toe een Engelstalige mail. Eén beheert een handvol klanten in Duitsland en België, met wie in het Engels wordt gebeld. De vierde is verantwoordelijk voor de grootste Britse klant en zit twee keer per jaar aan tafel voor de contractverlenging.
Eén cursus Engels voor het hele team gaat aan dit verschil voorbij. De eerste twee hebben aan B1 tot B2 voor schrijven waarschijnlijk genoeg. De derde heeft B2 nodig voor spreken en luisteren. De vierde heeft het meeste baat bij training gericht op onderhandelen, op C1-niveau, met zijn eigen klantgesprekken als oefenmateriaal. Dat is niet alleen effectiever, het voorkomt ook dat je budget uitgeeft aan een niveau dat de functie niet vraagt.
Hoe bepaal je het juiste niveau voor jouw accountmanagers?
Begin bij de functie, niet bij de cursus. Drie stappen helpen:
- Bepaal per functie de zwaarste taalsituatie die regelmatig voorkomt. Vraag het de accountmanagers zelf en hun leidinggevende: waar voelt het Engels nu het krapst?
- Meet per vaardigheid, met een spreekdeel. Een schriftelijke toets alleen geeft voor deze functie een te rooskleurig beeld. Bij Language Partners begint elk traject met een intake met een schrijf- en spreektoets, zodat per persoon duidelijk is waar hij staat.
- Train op de eigen gesprekken. Een trainer die het prijsgesprek naspeelt met de kritische inkoper doet meer dan een hoofdstuk uit een lesboek. Waar vergaderingen en presentaties precies vastlopen, lees je in vergaderen en presenteren in het Engels: waar Nederlandse teams stranden.
Onze trainingen zakelijk Engels zijn op die manier opgebouwd: in-company of online, in een kleine groep van maximaal acht of één-op-één, rond de situaties uit het eigen werk.
Ben je zelf accountmanager?
Herken je jezelf in het telefoongesprek uit de eerste alinea? Dan is de kans groot dat je werkgever een taaltraining wil vergoeden, zeker als Engels nodig is voor je functie. Hoe je dat aankaart bij je manager, met een voorbeeldmail die je zo kunt aanpassen, lees je in taaltraining aanvragen bij je werkgever.
Training voor je accountmanagers op hun eigen niveau?
Vertel ons welke klantgesprekken je team voert, dan stellen we een traject voor dat daarop aansluit.
Veelgestelde vragen over Engels voor accountmanagers
Welk Engels niveau heeft een accountmanager nodig?
Voor een accountmanager met regelmatig internationaal klantcontact is B2 de ondergrens, vooral voor spreken en luisteren. Op dat niveau voer je een vlot gesprek met moedertaalsprekers en onderbouw je een standpunt. Wie in het Engels onderhandelt over prijs en contract, heeft vaak baat bij C1 voor spreken.
Is B2 genoeg voor een key accountmanager?
Voor een key accountmanager die zelf onderhandelt met internationale klanten is B2 vaak net te krap. Het verschil zit in nuance: tussen de regels door lezen, de toon aanpassen en een lastige boodschap brengen zonder de relatie te schaden. Dat hoort bij C1. Voor schriftelijk contact is B2 meestal wel voldoende.
Hoe test je het Engelse niveau van een accountmanager?
Meet per vaardigheid en neem altijd een spreekdeel op, want spreken onder druk is voor accountmanagers de vaardigheid die het meest telt en die het minst zichtbaar is in mails. Een intake met schrijf- en spreektoets of een scan op basis van werksituaties geeft een betrouwbaarder beeld dan een schriftelijke toets alleen.

